Kaart peilverhogingen veenweidegebied

  • geplaatst op 11 mei 2017

Op de kaart peilverhogingen veenweidegebied (onderaan deze pagina) kunt u zien waar hogere slootpeilen nodig zijn om de bodemdaling in het Friese veenweidegebied te vertragen.

Wat vindt u op de kaart?

  • Gebieden waar het waterschap actief het slootpeil verhoogt (actieve peilverhoging).
  • Gebieden waar de drooglegging (het verschil tussen maaiveld en slootpeil) door bodemdaling vanzelf kleiner wordt (passieve peilverhoging).

Door de hogere peilen wordt de laag veen boven het huidige slootpeil natter gehouden en oxideert het veen minder snel. Dit vertraagt de bodemdaling.

Actieve en passieve peilverhoging

Afhankelijk van de dikte van de veenlaag die natter gehouden kan worden, verhoogt het waterschap wel of niet actief het slootpeil om de drooglegging te verkleinen. We onderscheiden de volgende bodemsamenstellingen:

Veenlaag dikker dan 10 centimeter (actieve peilverhoging)

In gebieden met een laag veen die natter gehouden kan worden van minimaal 10 centimeter boven het huidige slootpeil verhoogt het waterschap het slootpeil. Daarmee vermindert de drooglegging tot maximaal 90 centimeter.

Veenlaag dunner dan 10 centimeter (passieve peilverhoging)

In gebieden met een laag veen die natter gehouden kan worden dunner dan 10 centimeter boven het huidige slootpeil wijzigt het waterschap het slootpeil niet. Hier wordt de drooglegging door het dalen van de bodem in de loop der jaren vanzelf kleiner.

Kleidek op veen (actieve en passieve peilverhoging)

In gebieden waar de bodem bestaat uit een laag klei op de veenlaag en waar de huidige drooglegging groter is dan 90 centimeter, stelt het waterschap naast een hoger winterpeil een hoger zomerpeil in. In gebieden waar de drooglegging al maximaal 90 centimeter is, stellen we alleen een hoger zomerpeil in.

Klik in de kaart op het legendasymbool  Legendasymbool  voor verklaring van de kleuren.