Wetterskip Fryslân opent laboratorium voor DNA-onderzoek

  • geplaatst op 29 januari 2018 om 15:59

Wetterskip Fryslân heeft sinds kort een eigen DNA-laboratorium. Daarmee kan Wetterskip als eerste Nederlandse waterschap DNA-analyses toepassen in het dagelijkse waterbeheer. Aan de hand van DNA-sporen in het water kan de aanwezigheid van planten- en diersoorten nauwkeurig worden bepaald. Het DNA-onderzoek helpt het waterschap bij de bestrijding van uitheemse plaagsoorten (exoten).

Met de innovatieve methode, qPCR genoemd, kan Wetterskip  bijzondere planten- en diersoorten een stuk nauwkeuriger en goedkoper vaststellen dan met traditionele onderzoeksmethodes. ‘Hoe meer inzicht we hebben in het voorkomen en de verspreiding van exoten en zeldzame soorten, hoe beter we beheermaatregelen in kunnen zetten’, zegt Rob van der Meer, manager van het laboratorium.

Achtergelaten DNA-sporen

Iedere plant en dier bevat DNA en laat daarvan in de omgeving sporen achter via bijvoorbeeld slijm, huidschilfers, poep en haren. Dit wordt environmental DNA, kortweg  eDNA, genoemd. Met de qPCR-techniek kan dit eDNA snel en effectief worden bepaald. Zo kunnen veel meer planten- en diersoorten worden opgespoord.

Eerst zonnebaars in kaart brengen

Het waterschap zet deze methode eerst in om de aanwezigheid van zonnebaars, een populaire vijvervis, in afgesloten poelen in Fryslân en een deel van het Groninger Westerkwartier in kaart te brengen. De zonnebaars komt oorspronkelijk niet in Nederland voor. De exoot vormt een bedreiging voor inheemse vissen, amfibieën en waterinsecten. Rob van der Meer: ‘De eDNA-analyse geeft ons een goed beeld van de verspreiding van deze soort. Hierdoor kunnen we gericht en effectief maatregelen.’


Dijkgraaf Paul van Erkelens en secretaris-directeur Oeds Bijlsma van Wetterskip Fryslân openen het nieuwe DNA-laboratorium in eigen huis.

Foto: Wil Leurs